Lekkere verhalen

Een pleidooi voor echt eten én een pleidooi voor slow eten

Een pleidooi voor echt eten én een pleidooi voor slow eten

Voila, een nieuwe blogcategorie! Over het lekkerste leesvoer, want doet een foodie buiten koken en eten het liefst? Juist, lezen over eten! Je moet wat, tussen de maaltijden door....

Ik heb onlangs "Een pleidooi voor echt eten" van Michael Pollan gelezen om daarna gelijk "Slow Food" van Carlo Petrini maar eens af te stoffen. Beide mannen hebben een soortgelijke kijk op eten - Pollan bedankt Petrini in zijn boek - maar een totaal verschillende invalshoek voor wat betreft hun boek. Het boek van Pollan is analytisch en voert je door de krochten van de moderne voedingsmiddelenindustrie. Dat van Petrini is, vergelijken met het pleidooi van Pollan, veel idealistischer van aard en beschrijft de ontwikkeling van de door Petrini opgezette Slow Food beweging. Het is een keiharde analyse versus mooie vergezichten. Beide boeken zijn meer dan de moeite waard en een must read voor iedere rechtgeaarde (slow) foodie.

Een pleidooi voor echt eten - Michael Pollan
Dit boek slingerde al een tijdje door mijn boekenkast. Ik ben het pas gaan lezen toen ik Pollan onlangs in een televisieprogramma zijn kijk op voedsel hoorde uiteenzetten. Zijn kijk is samen te vatten in de volgende woorden: "Echt eten. Niet te veel. Vooral planten." Voordat hij toelicht wat hij daar precies mee bedoelt verschaft hij je zeer nauwkeurig inzicht in de wereld van het zogenaamde "Nutritionisme". De vertaling en de schrijfstijl van Pollan maken dit een taai stuk, maar het levert de doorzetters wel interessant informatie op.

Pollan betoogt dat een rapport van de Nationale Academie van Wetenschappen en de Food, Drug en Cosmetic Act van 1938 maken dat we tegenwoordig niet meer over voedsel, maar over voedingsstoffen praten. Een opmerkelijk verschil. Die focus op voedingsstoffen maakt dat de industrie en wetgeving overmatig veel aandacht hebben voor losse onderdeeltjes in ons voedsel, en niet meer voor voedsel in de bredere zin. Ze hebben voedsel geherdefinieerd tot een bundeltje nutriënten. Een reductionistische benadering van voedsel heeft desastreuze gevolgen voor de manier waarop de industrie, de controle-instanties, de politiek en de consumenten naar voedsel zijn gaan kijken. Zolang een product de juiste nutriënten bevat, ongeacht waar deze vandaan komen, dan is het product OK. En andersom, een product met verkeerde nutriënten, zeg met onverzadigde vetten, is slecht.

Pollan bestrijdt die zienswijze met verve en verdedigd echte producten. Producten die je grootmoeder als voedsel zou herkennen. "Een pleidooi voor echt eten" is een onvervalste aanklacht tegen de grote voedingsproducenten van deze wereld. Zij zetten ons bewerkt voedsel voor op basis van slechts een handjevol ingrediënten (voornamelijk bewerkte graan-, mais- en sojaproducten) en passen de gezondheidsclaims aan op de heersende trends. Zijn Omega3 vetzuren in de mode? Dan is margarine plots rijk aan Omega3. Zingt het woord cholesterol rond? Dan helpt margarine tegen een te hoog cholesterol. Ze voegen wat middeltjes toe, en voila, het product voldoet aan de heersende opvatting. De grote voedingsmiddelenfabrikanten verdringen echt voedsel en schotelen ons een bijzondere cocktail aan voedingsstoffen voor die wij gretig naar binnen schuiven. Met allerlei 'westerse ziekten' als gevolg. Na het lezen van dit boek bekijk je de inhoud van een supermarkt plotseling heel anders. Ik hoef geen margarine meer, doe mij maar van die echte, vette, gele boter. Veel gezonder.

Ben ik nu dan helemaal idolaat van Pollan? Nee, dat niet. Pollen bestrijdt het Nutritionisme vaak met nutritionistische aanvallen. En zijn claim voor echt voedsel, waar ik volledig achter sta, wordt mijns inziens ondergraven door een pleidooitje in de kantllijn voor het slikken van supplementen en multivitaminen. Kom op!? Vitaminen uit potjes, spul van chemiefabrikanten, hoe rijmt dat met echt eten? Pollan maakt het goed met heerlijke oneliners als "eet niets dat niet rotten kan" en "je bent ook wat wat u eet eet". En gelukkig zet hij wijn niet op de rode lijst, sterker nog: hij beveelt het aan. Blijkt toch een verstandig man die Pollan.

Slow Food - Carlo Petrini
Dit boekje beschrijft de ontstaansgeschiedenis en ontwikkeling van de Slow Food beweging. Petrini was een van de oprichters van deze club en duidelijk een idealist en bourgondier. Man naar mijn hart dus. Hij beschrijft hoe Slow Food vanuit de communistische partij in Italië is ontstaan. Die partij was nu niet bepaald de ideale omgeving voor ongebreideld genieten. Eerder een beetje zurig, zuinig en tegen het individualistische genot. In zijn boek laat hij zien hoe je Slow Food, als alternatief voor Fast Food inderdaad, moet zien en wat de doelen van zijn organisatie zijn.

Fast Food staat voor snel en gedachteloos consumeren. De prijs is laag door standaardisatie, wat ten koste is gegaan van smaak. Slow Food daarentegen staat voor inzien hoe belangrijk voeding is, door te leren genieten van de diversiteit in smaken en recepten, de vele verschillende productiegebieden en producenten te leren kennen en door de wisselende seizoenen en de sociale functie van eten te respecteren.

De stichting van Petrini is uitgegroeid tot een wijdvertakt geheel van zelfstandige lokale clubs. Ook hier geeft hij blijk van een diepe wens tot diversiteit: dat de lokale clubs hun eigen draai aan Slow Food geven vindt hij prima. Hij laat dat gebeuren en gaat het niet bijsturen. Zo breekt de toenmalige voorzitster van Slow Food Nederland en opmerkelijke lans voor ganzenlever. Het onder dwang voeden van een gans die 'zijn hele leven heeft kunnen rondfladderen' vindt zij minder erg dan een kistkalf of een kip in een legbatterij. Tja, het zijn haar woorden, maar ik vermoed dat die ganzen niet vrij konden rondfladderen en deden ze dat wel, dan is het nog geen rechtvaardiging voor het in de strot steken van een trechter omdat wij zo nodig foie gras willen eten. Maar goed, ik behoor waarschijnlijk tot de Slow Food aanhang die meer waarde hecht aan dierenwelzijn.

Het geeft het verschil in mening over goed voedsel wellicht mooi weer. Want wat is dat, goed voedsel? Hoe meer ik er over lees, hoe minder ik zeker weet. Iedereen heeft zijn eigen ethiek en dat is prima. Goed voedsel is voor mij echt voedsel met veel smaak, waar je goed en lang van geniet - het liefst met anderen - en waar niemand schade van ondervindt (mens, dier of milieu) en waarvan je weet hoe het is gemaakt en door wie. Zie dat voedsel maar eens te vinden in je lokale supermarkt...

Maar goed, dit is mijn bescheiden mening. Ik ben benieuwd hoe jullie hier tegenaan kijken. Wat versta jij onder echt, eerlijk en goed voedsel?